Certificering


- Global GAP



>> download hier het certificaat als PDF-bestand

Een aantal Europese supermarkten (EUREP) heeft in 1997 het initiatief hebben genomen om richtlijnen op te stellen voor de "Goede Agrarische Productie" (GAP) van verse groenten en fruit: de EUREPGAP-richtlijnen. Met een EUREPGAP-systeem beschikt Vedemij als champignonteler over een systeem waarmee richting afnemers kan worden aangetoond dat het product op een verantwoorde manier tot stand is gekomen.

Inhoud
Enkele retailers hebben reeds aangegeven dat hun AGF-producten en vlees(producten), volgens de GLOBALGAP IFA richtlijnen geproduceerd moeten worden. Het is de bedoeling dat de leveranciers van retailers druk gaan uitoefenen op hun eigen leveranciers om zodoende uiteindelijk de primaire producenten GLOBALGAP IFA gecertificeerd te laten zijn. GLOBALGAP IFA is een uitbreiding op de in de AGF sector breed omarmde GLOBALGAP richtlijnen. De GLOBALGAP IFA norm heeft naast voedselveiligheid ook aandacht voor een maatschappelijk verantwoorde productiewijze. Dit betekent dat er ook eisen gesteld worden aan milieu, beroepsmatige gezondheid, dierwelzijn en diertransport.

IFA staat voor Integrated Farm Assurance, vrij vertaald ‘het integrale landbouw waarborgingssysteem’. GLOBALGAP IFA is opgebouwd uit een aantal modules. Afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten zijn bepaalde modules van toepassing en andere niet. Hierdoor is dit certificeringschema geschikt voor bedrijven in zowel akkerbouw, tuinbouw, veeteelt maar ook voor de geïntegreerde bedrijven (die veeteelt combineren met akkerbouw en/of tuinbouw).

De GLOBALGAP IFA norm is opgebouwd uit één algemene module (voor alle agrarische bedrijven), twee basismodules (dierlijke en plantaardige productie) en zes sector modules (bulk gewassen, groenten & fruit, pluimvee, varkens, rundvee & schapen en melkvee). Daarnaast is er nog een aparte module voor dierlijk transport.

De eisen in GLOBALGAP IFA zijn onderverdeeld in “major” eisen, waaraan voor 100% voldaan moet worden om het certificaat te behalen, “minor” eisen, waarvan voor 90% voldaan moet worden om het certificaat te behalen en daarnaast zijn er de aanbevelingen (hieraan hoeft niet voldaan te worden om het certificaat te behalen). Voor de groenten- en fruitmodule is echter een uitzondering gemaakt: hier moet een score van 95% behaald worden om voor certificatie in aanmerking te komen.

Inhoudelijk komen de eisen op het dierlijke stuk van GLOBALGAP IFA grotendeels overeen met de eisen van IKB-varkens en pluimvee. Deze normen worden in Nederland al op grote schaal toegepast in de betrokken sectoren. Daarom wordt er ook gekeken of er een zogenaamde benchmark kan worden aangegaan om de normen aan elkaar aan te passen en gelijk te stellen om zo door harmonisatie duidelijkheid te scheppen voor retail, industrie en agrarisch ondernemers. In Nederland zijn slechts enkele bedrijven uit de dierlijke sectoren gecertificeerd vanwege de sterke positie van IKB en de vraag vanuit de retail hiernaar. In veel andere landen bestaan geen sectorale kwaliteitssystemen zoals in Nederland, in deze landen is het voor primaire bedrijven dus zeker zinvol om het GLOBALGAP IFA certificaat te behalen.

Achtergrond
Vanaf vorig jaar is de nieuwe Europese Hygiëneverordening van kracht wat tot gevolg heeft dat er ook voor bedrijven in de primaire sectoren wettelijke hygiëneregels gelden. Het ministerie van LNV heeft op 18 januari 2007 het deel van GLOBALGAP IFA voor de plantaardige sectoren goedgekeurd als hygiënecode.

De consument is steeds kritischer met betrekking tot zijn voedsel. Naast voedselveiligheid speelt ook de wijze waarop het voedsel geproduceerd wordt een steeds belangrijkere rol. Denk bijvoorbeeld aan milieuaspecten van het huidige agrarische bedrijf. Door deze druk vanuit de markt en door de steeds strenger wordende wetgeving op het gebied van productaansprakelijkheid is het voor Europese supermarkten (o.a. Ahold, Albert Heijn, Laurus, Marks & Spencer, McDonald's, Sainsbury's, Superunie, Tesco, etc.) van levensbelang dat zij kunnen vertrouwen op de agrarische producenten van het product dat in de winkel ligt. Binnen afzienbare tijd zullen de GLOBALGAP -richtlijnen gelden als basis voor de productie van groenten en fruit op teeltbedrijven. GLOBALGAP is reeds een harde eis worden voor levering aan supermarkten.

Individueel of als groep
Er zijn diverse mogelijkheden om als bedrijf voor het GLOBALGAP -certificaat in aanmerking te komen. De meeste telers zijn via de individuele manier gecertificeerd. Je moet als bedrijf zorgen dat aan de richtlijnen voldaan wordt, 1 maal per jaar wordt een interne audit uitgevoerd en 1 maal per jaar wordt door de certificerende instelling een audit uitgevoerd. Als aan alle richtlijnen wordt voldaan, ontvangt men het GLOBALGAP certificaat.

Een andere mogelijkheid is om als groep telers (bijv. een telersvereniging) via de TO- (Telersorganisatie) methode het GLOBALGAP -certificaat te halen. Men ontvangt, als aan alle richtlijnen wordt voldaan, als groep een GLOBALGAP -certicaat.

De TO-methode heeft de volgende voordelen:

- Een besparing op de certificeringskosten; slechts een steekproef van de telers moet
jaarlijks extern getoetst worden.
- Een besparing in de monitoringskosten voor residuen; op basis van een risico-
inschatting en een residumonitoringsplan wordt de steekproefomvang bepaald.
- Een heldere communicatie naar afnemers.
- Aanvullende (teelt)richtlijnen kunnen snel meegenomen worden in de GLOBALGAP -TO-
richtlijnen.

(bron: www.ns-quality.nl)


 
 

Dislaimer  |  (c) Copyright Vedemij 2014